◆ Motie· 32500-XIII-122
Motie-Wiegman-van Meppelen Scheppink c.s. over foutieve conclusies in het RIKILT-rapport
Elbert DijkgraafSGP24 nov 2010
Bekijk op officielebekendmakingen.nlJouw stem · motie
Jouw stem · motie
Stem· motie
Nog geen stemmen — wees de eerste.
Volledige tekst
De Kamer, gehoord de beraadslaging, overwegende, dat het verzoek van VROM destijds, om de voedselveiligheid van cisgene, transgene en klassiek veredelde rassen te vergelijken niet adequaat is uitgevoerd tot foutieve conclusies heeft geleid in het RIKILT-rapport die correcties behoeven; overwegende, dat medeoorzaak hiervan was het ontbreken van klassieke plantenveredelingsexpertise in de begeleidingscommissie; overwegende, dat de huidige GMO-regelgeving de huidige klassieke plantenveredeling als «base line» gebruikt, wat in dit rapport niet is gedaan, terwijl in plaats daarvan klassiek veredelde rassen en mutanten daarvan indirect verdacht worden gemaakt zonder wetenschappelijke onderbouwing; overwegende, dat het RIKILT-rapport diep inzoomt op kleine veranderingen in het dna door inbrengen van natuurlijke cisgenen en daarbij de veel grotere variatie in het dna negeert, die van nature optreedt door mutaties en inkruisen van genen uit wilde planten; van mening, dat cisgenese een eerlijke kans moet krijgen om zo toelatingskosten te drukken en de inzet van deze techniek ook voor het mkb mogelijk te maken; verzoekt de regering plantenwetenschappers een uitspraak te laten doen in hoeverre de risico's op allergie en toxiciteit bij cisgenese groter zijn dan bij klassieke veredeling, en het RIKILT-rapport als voorlopig rapport te beschouwen en de opstellers ervan of andere wetenschappers te vragen om ook de vergelijking met klassieke plantenveredeling te maken, zodat recht wordt gedaan aan de onderzoeksvragen, en gaat over tot de orde van de dag. Wiegman-van Meppelen Scheppink Dijkgraaf Koopmans