◆ Kamervraag· 2026Z01795Beantwoord
Kunstsubsidies
Peter van DuijvenvoordeFVD29 jan 2026
Bekijk op tweedekamer.nlJouw stem · kamervraag
Jouw stem · kamervraag
Stem· kamervraag
Nog geen stemmen — wees de eerste.
Vragen
V1Bent u bekend met het diversiteits- en inclusiebeleid van gesubsidieerde musea, waaronder het Stedelijk Museum Amsterdam, en de wijze waarop dit beleid doorwerkt in het aankoopbeleid van museale collecties?
V2Deelt u de opvatting dat kunstsubsidies nooit mogen leiden tot (directe of indirecte) uitsluiting van kunstenaars op basis van persoonskenmerken zoals huidskleur, afkomst of seksuele geaardheid?
V3Is het u bekend dat binnen de culturele sector de perceptie bestaat dat het niet actief voeren van diversiteitsbeleid kan leiden tot een lagere subsidiebeoordeling? Acht u deze perceptie wenselijk?
V4Kunt u bevestigen, ja of nee, dat «diversiteit en inclusie» een formeel beoordelingscriterium is bij subsidies die via de Raad voor Cultuur en het Mondriaan Fonds worden toegekend?
V5Indien ja, kunt u exact aangeven welk gewicht dit criterium heeft ten opzichte van artistieke kwaliteit in de beoordelingssystematiek (bijvoorbeeld in punten, wegingsfactoren of drempelcriteria)?
V6Kunt u bevestigen, ja of nee, dat subsidieaanvragen zonder expliciete doelstellingen op het gebied van diversiteit en inclusie structureel lager worden beoordeeld dan aanvragen die deze wel bevatten?
V7Indien nee, kunt u de beoordelingsrichtlijnen overleggen waaruit dit blijkt?
V8Kunt u bevestigen, ja of nee, dat instellingen die expliciet stellen uitsluitend artistieke kwaliteit als leidend criterium te hanteren, zonder aanvullende maatschappelijke doelstellingen, geen verhoogd risico lopen op afwijzing of korting?
Indien u dit niet kunt bevestigen: erkent u dan dat er sprake is van indirecte beleidssturing vanuit de overheid op artistieke keuzes van musea?