◆ Kamervraag· 2025Z18920Beantwoord
De brief Oversterfte (Kamerstuk 25295, nr. 2234)
Ria de KorteNSC13 okt 2025
Bekijk op tweedekamer.nlJouw stem · kamervraag
Jouw stem · kamervraag
Stem· kamervraag
Nog geen stemmen — wees de eerste.
Vragen
V1Wat is de reden dat het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) stelt dat de sterftemonitor enkel is bedoeld als signalerings- en analysetool voor acute verheffingen en niet om langdurige trends in oversterfte te monitoren?
V2Deelt u de mening dat de afwijkingen van de schattingen van het aantal sterfgevallen en het werkelijk aantal sterfgevallen belangrijk zijn om goed in te spelen op beleid zoals het aantal woningen, de benodigde zorg en de pensioenen? Kunt u het antwoord toelichten?
V3Kunt u verklaren dat het aantal overlijdens na 2023 (coronatijd) niet is gedaald (aantal overlijdens waren achtereenvolgens volgens statline 2017: 150,214, 2018: 153,363, 2019: 151.885, 2020: 168.678, 2021: 170,972, 2022: 170.112, 2023: 169,521, 2024: 172,051)? Kan deze blijvende stijging verklaard worden vanuit een trend van oversterfte? Klopt het dat deze stijging niet verklaard kan worden door de toename van het aantal ouderen?
V4Bent u bereid om het RIVM te verzoeken in beeld te laten brengen wat de langdurige oversterfte is? Zo ja, hoe wordt dit gedaan? Zo nee, waarom niet?
V5Bent u bereid om onderzoek te doen naar de oorzaken van langdurige oversterfte zoals aangegeven in vraag 3?
V6Klopt het dat oversterfte in vergelijking tot de geschatte aantal sterfgevallen betekent dat de gemiddelde levensverwachting niet stijgt? Kan de Minister aangeven wat dit betekent voor het beleid ten aanzien van volksgezondheid, wonen en pensioenen?
V7Wat is de huidige (feitelijke) gemiddelde leeftijd bij overlijden in Nederland en wat is die in een aantal westerse landen zoals de Verenigd Koninkrijk, Zweden Duitsland en België? Als er een verschil blijkt te zijn tussen Nederland en deze landen, hoe kan dat verschil worden verklaard?