◆ Kamervraag· 2022Z04388Beantwoord
De NAM-afvalwaterlozing in Twente
Caroline van der PlasBBB9 mrt 2022
Bekijk op tweedekamer.nlJouw stem · kamervraag
Jouw stem · kamervraag
Stem· kamervraag
Nog geen stemmen — wees de eerste.
Vragen
V1Welke mijnbouwhulpstoffen worden er gebruikt door de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) en andere betrokken partijen bij de oliewinning in Schoonebeek? Welke komen daarvan in het afvalwater terecht en welke bij lozing in Twente?
V2Wat is de chemische naam van deze mijnbouwhulpstoffen en in welke hoeveelheden komen ze voor in het NAM-afvalwater bij de winning in Schoonebeek en lozing en opslag in Twente, zowel relatief als absoluut, en welke gevaren kleven aan deze stoffen voor mens en milieu?
V3Welk energietarief wordt bij NAM in rekening gebracht voor de productie van stoom ten behoeve van de oliewinning in Schoonebeek en hoe hoog is de korting voor de betrokken grootgebruiker van deze energie?
V4Behoren de betrokken stoomfabriek en andere bedrijven betrokken bij de oliewinning in Schoonebeek tot de groep van bedrijven, die worden afgeschakeld, respectievelijk worden stopgezet bij een onverhoopt gastekort in Nederland? Zo nee, waarom niet?
V5De afvalwaterinjectie vindt volgens uw antwoord van 7 februari jl. op de vragen 1, 5 en 6 (aanhangsel Handelingen II, vergaderjaar 2020–21, nr. 1598 ) niet plaats in het kader van een opslagvergunning, maar is gekoppeld aan de oliewinning in Schoonebeek en het uitgangspunt is volgens u dat het afvalwater niet meer wordt opgepompt. Kunt u dan uitleggen wat de rechtsgrond is voor de lozing van NAM-afvalwater in Twente, op grond waarvan geen aparte lozingsvergunning nodig is voor de opslag van NAM-afvalwater uit Schoonebeek? – volgens de MvT bij art. 3 van de Mijnbouwwet is het niet altijd duidelijk of tijdens de opslag natrekking of zaaksvorming optreedt. In beide gevallen zal de Staat echter eigenaar worden van de opgeslagen stoffen. Is de Staat als eigenaar van de blijvend of tijdelijk opgeslagen stoffen, gedurende de opslagperiode aansprakelijk voor de eventuele schade veroorzaakt door de opslag? Zo nee, waarom niet? – moet de oliewinningsinstallatie in Schoonebeek, de pijpleiding voor afvalwater naar Twente en de installatie voor de opslag van het afvalwater in Twente gezien worden als één mijnbouwwerk in de zin van artikel 1 Mijnbouwwet? Zo nee, waarom niet? Zo ja, wat betekent dit voor de reikwijdte van het begrip omwonenden langs de pijplijn vanaf de oliewinningsinstallatie in Schoonebeek tot aan de NAM-afvalwaterinjectie in Twente?