◆ Kamervraag· 2014Z11792Beantwoord
De replenishment meeting van het Global Partnership for Education
Kees van der StaaijSGP24 jun 2014
Bekijk op tweedekamer.nlJouw stem · kamervraag
Jouw stem · kamervraag
Stem· kamervraag
Nog geen stemmen — wees de eerste.
Vragen
V1Kunt u bevestigen dat er op 25 en 26 juni a.s. een replenishment meeting van het Global Partnership for Education (GPE) zal zijn in Brussel? Kunt u aangeven of en zo ja hoe Nederland vertegenwoordigd zal zijn bij deze bijeenkomst? 1
V2Deelt u de overwegingen van het GPE over het belang van investeringen in onderwijs in ontwikkelingslanden? 2 Zo neen, waarom niet? Zo ja, welke rol ziet u hierin voor Nederland weggelegd, mede gelet op de toezegging die u afgelopen najaar deed? 3
V3Kunt u aangeven welke inzet Nederland pleegt om andere donoren, en in het bijzonder de Europese Unie zelf, op te roepen substantieel bij te dragen aan de financiering van het GPE voor de komende tijd?
V4Bent u bereid om tijdens de GPE replenishment bijeenkomst de Nederlandse steun voor de afronding en uiteindelijke goedkeuring en uitvoering van de Lucens Richtlijnen onder de aandacht te brengen? Bent u tevens bereid tijdens deze bijeenkomst andere lidstaten op te roepen dit proces te steunen teneinde scholen en universiteiten te beschermen tegen militair gebruik tijdens een gewapend conflict? Zo neen, waarom niet?
V5Kunt u deze vragen beantwoorden vóór aanvang van de replenishment meeting? X Noot 1 http://www.globalpartnership.org/replenishment X Noot 2 http://www.globalpartnership.org/content/250-million-reasons-invest-education-case-investment X Noot 3 «Het kabinet zal andere donoren die nog wel in (basis)onderwijs investeren blijven aansporen om de financiële steun te handhaven en/of te verhogen» (antwoord op vraag 207). Zie ook de uitspraak in de kabinetsbrief over Europese ontwikkelingssamenwerking, 11 december 2012: «De Europese Commissie kan mede namens Nederland activiteiten ontplooien op terreinen waar Nederland zelf geen of slechts beperkte middelen beschikbaar heeft, zoals in de sociale sectoren, waar Nederland zijn inspanningen goeddeels heeft afgebouwd. Hier zijn de inspanningen van Nederland en die van de Commissie complementair.»